Gevoelens: ze horen bij ons mensen als licht bij de zon. Warmte, afkeer, tevredenheid, wrevel, opgeluchtheid, schuld. En schaamte. De meesten van ons zullen zich de uitroep in de kop van deze column wel herinneren uit de mond van hun moeder. Je deed iets stoms, en ze riep je tot de orde. Geen leuk onderwerp, dus zullen nu alleen de taaie rakkers m/v doorlezen. Is schamen een taboe? Het is wel onaangenaam als er iets vervelends over jezelf bekend dreigt te worden. Iets waarmee anderen je zouden kunnen plagen, of verwijten maken, of minachten. In de zin van: heb jij dat gedaan? Heb jij dat gezegd? Veel mensen – ik hoor daar bij – kunnen zich natuurlijk uit hun jeugd of verleden iets voor de geest halen waaraan je liever niet wordt herinnerd. Je krijgt er een kleur van en verdringt het.

Hoe erg is het? Moet je je schamen voor het schamen? Sommigen vinden het een gevoel dat jou vrijheid belemmert. Een Amerikaans filosofe noemt het een ervaring van onvolmaaktheid, waarin we een negatief oordeel vellen over onszelf. En dat willen we natuurlijk niet. De bekende psychologe Rita Kohnstamm ziet in onze cultuur een verschuiving van schuld naar schaamte. Ze zegt dat niet het innerlijke richtsnoer (de normen, het geweten) mensen weerhoudt van overtredingen, maar alleen de angst om betrapt te worden. Want als je betrapt wordt schaam je je dood. Gebeurt dat niet, dan kun je je gang gaan. Iets daarvan zie je ook in het begrip 'pakkans': men doet dan iets niet omdat het risico gepakt te worden groot is, maar niet omdat het fout is.

Schuldig voel je je als je iets fout hebt gedaan, maar bij schaamte gaat het meer over je identiteit. Over wie of wat je bent, hoe je jezelf ziet en anderen jou. Het wordt nogal eens weggepraat. Maar als je je ergens voor schaamt komt ook je geweten in beeld, en dat lijkt weer positief. Want op basis van je eigen moraal kun je er dan ook wat aan doen: naar iemand toegaan om het uit te leggen, zeggen dat je het niet zo had bedoeld, excuses aanbieden. Met sommige zaken hoef je niet je hele leven rond te blijven lopen.

Schaamte speelt een belangrijke rol in de seksualiteit, zeker als het over verkeerde vormen daarvan gaat. Zoals bij pornografie: vroeger een onderwerp dat je alleen tegenkwam in obscure kringetjes of in vunzige boekjes. Dat is nu wel anders. De bekende schrijver Joost Zwagerman noemt dat de 'pornoficatie van de samenleving': je moet vandaag de dag gewoon je best doen om porno te vermijden – schrijft hij. En dat zou komen omdat de mensen porno hebben losgemaakt van schaamte- en schuldgevoelens. Dat neemt enorm toe, ook in de TV-programma's. Maar pornografie maakt eenzaam. Volgens Zwagerman valt er alleen iets te redden als we terugverlangen naar de ervaring van schaamte. Vreemd gaan in een huwelijk is fout, maar het wordt nog erger als we dat zonder schaamte zouden goedpraten met argumenten die alleen op eigen ongebondenheid en egoïsme zijn terug te voeren. (Wie is geïnteresseerd kan meer lezen in de bijdrage van Renée van Riessen in Het leven volgens Willem Jan Otten – redenen van het hart; o.r.v. Johan Goud; 2013.)

Ook op andere terreinen dan seksualiteit heeft schaamte een positieve kant: het ontdekt je aan jezelf: wat je deed, wie je bent. Het prikkelt je om jezelf te corrigeren. Veel mensen – zie de sociale media - venten hun eigen succes uit: kijk mij eens, het gaat goed met me, ik doe leuke dingen, ga met interessante mensen om. Soms ben je bang dat iemand daarin onvrede verdringt, een gemis, of de angst daarvoor. Schaamte lijkt dus een essentieel onderdeel van ons bestaan. Een ervaring waarvan we ons niet zomaar kunnen bevrijden. Ik hou het er dus maar op dat het van waarde is dat we ons nog kunnen schamen. Niet om onszelf een complex aan te praten, maar als bewijs dat we nog intern kompas hebben voor wat goed en fout is. Dat ons stimuleert iets recht te zetten, of ons zonodig anders te gaan gedragen. Een filosoof noemde het een goede daad als je een ander ervoor kunt behoeden zich te moeten schamen. Na deze moraal zeg ik tegen de laatste twee lezers: schaam je er niet voor dat je hebt doorgebeten. En zoek het verder zelf maar uit.

Ton van Leijen (avanleijen@lijbrandt.nl)