Regelmatig, ook nu, moet ik weer denken aan de Club van Rome. Deze groep wetenschappers uit allerlei landen boog zich over de wereldproblemen en de samenhang ervan. Toenemende welvaart en rijkdom riep ernstige vragen op over bevolkingsgroei, voedselproductie, uitputting van hulpbronnen, vervuiling e.d. De Club wilde regeringen stimuleren tot een gecoördineerde aanpak daarvan. In 1972 kwam hun rapport Grenzen aan de groei uit. Ik was toen 23 jaar, en het maakte nogal indruk op me. Sommigen wuifden de waarschuwingen weg, het zou zo’n vaart niet lopen. Ze dachten fout.  

De beroemde Nederlandse econoom professor Jan Tinbergen, Nobelprijswinnaar, was lid van de Club. Eén uitspraak van hem zal ik nooit vergeten. Over de mensen in de Derde Wereldlanden zei hij destijds: “Als we hen onze welvaart niet brengen, dan komen ze die wel halen”. Wat heeft hij gelijk gekregen. Natuurlijk is het vraagstuk divers als je kijkt naar de achtergronden van vluchtelingen en asielzoekers. Zij die aan de deur kloppen als gevolg van levensbedreigende oorlogssituaties vormen een andere groep dan hen die om economisch of politieke redenen hier naartoe willen. Maar er zijn grote parallellen. Wat zouden jij en ik doen als jouw of mijn regering geen menswaardig bestaan biedt? Wanneer je geen enkele vrijheid hebt? Of wanneer je vader, je broers en jijzelf alleen nodig zijn om in het leger van het regiem te vechten? Of met uitzicht op een levenlang armoede? Als rijke landen je dan niet komen helpen ga je zelf op zoek naar een leefbaar, menswaardig toekomstperspectief. 

Natuurlijk is er door de jaren heen wel degelijk geprobeerd via allerlei programma’s van ontwikkelingshulp goede dingen te doen. Het mooiste is het als je problemen aan de bron kunt aanpakken. Als je regeringen en inwoners ter plekke kunt ondersteunen in de ontwikkeling van hun land, duurzame voedselvoorziening etc. Veel moeilijker is het om foute regiems te bereiken. Je kunt dan eigenlijk alleen maar aan de voorkant diplomatieke druk proberen uit te oefenen, en aan de achterkant op drift geraakte mensen opvangen. Iedereen kan zien hoe beroerd dat op dit moment verloopt. Grote machtsblokken als Amerika, China, Rusland profileren zich in hun eigen belangen. Europa is helaas verdeeld en vormt eigenlijk alleen economisch een factor. De zwakste partijen krijgen het dan voor de kiezen. Kijk naar wat er gebeurt bij Idlib aan de grens met Syrië en je ziet hoe machtspelletjes zich voltrekken letterlijk over de rug van machteloze mensen.

Het vluchtelingenprobleem is dus schrijnend, maar ook de grote vraagstukken van klimaat en duurzaamheid schreeuwen om aandacht. Wie kijkt naar deze verschijnselen op het wereldtoneel zakt de moed in de schoenen. Er is zeker wel iets te relativeren, ook in vroeger eeuwen waren er grote misstanden. Wereldoorlogen, massaslachtingen, droogte en misoogsten die honderdduizenden levens eisten. Daar staat tegenover dat vandaag wetenschap en voortschrijdende technologie de mens in staat stellen ongelooflijke dingen te doen. Maar het overgrote deel van de wereldbevolking profiteert daar niet of nauwelijks van.

We slagen er dus niet in de problemen de wereld uit te helpen. Nog steeds is er grote honger, is er voor miljoenen mensen geen uitzicht op een menswaardig bestaan, groeit de kloof tussen arm en rijk.

Je hoopt dan dat het geweten van regeringen en leiders gaat opspelen zodat ze werkelijk hun bevolking recht gaan doen. Dat ze gaan werken aan het beëindigen van geweld, aan vrede, en gaan inzetten op vrijheid, voedsel, gezondheidszorg, werkgelegenheid, scholing, welzijn en ga maar door. Helaas zien we daar op dit moment niets van. De wereld is sinds de eerste rapporten van de Club van Rome sterk veranderd. Met de adviezen van vroeger is structureel niet veel gedaan. Pas als we zelf ergens last van krijgen komen we in actie, maar dat is dat meestal korte termijnwerk.    

         

Wat is er veel om ernstig bezorgd over te zijn. Dat is de realiteit. Evengoed is er nog veel moois te zien, dat de goede kant op gaat. Soms tegen de verdrukking in, schreef ik eerder. Niet elke tegenstelling, of elk vermeend onrecht maakt leven ondraaglijk. De media laten ons onmenselijke en schrijnende situaties zien, en tegelijk verbaas je je over de ongelooflijke veerkracht die veel mensen dan toch nog hebben. Al die indrukken kunnen je weer helpen de grote voorrechten te zien van het wonen in Nederland en - jawel - ook in Europa. We zullen niet moeten ophouden die rijkdom te delen. En gastvrij te zijn waar het kan en voor wie het moet. Met als hoopvol signaal de stad Leiden die vijfentwintig vluchtelingenkinderen gaat opvangen. Een druppel op een gloeiende plaat? Niet voor die kinderen. Zulke initiatieven maken blij.      

      

Ton van Leijen (avanleijen@lijbrandt.nl