Nu ik eraan terugdenk kan ik het nog niet geloven. Met de trein naar Amsterdam gekomen laat ik het Centraal Station achter me. Ik loop op het Rokin als ik naast me ineens twee potige mannen zie lopen. Ik kijk naar achter en zie er nog twee. Donderblauwe pakken. Ik schiet in de lach, want ik voel me net een figurant in een gangsterfilm. Maar bij mijn blik naar rechts verschiet ik van kleur: ik kijk koning Willem-Alexander recht in zijn gezicht.

"Goede morgen" zegt hij, en ik weet ook zoiets terug te stamelen. Koortsachtig denk ik: wat moet ik nu, gewoon doen of hij er niet is? Maar ik kan het niet laten om te zeggen 'u bent weer vroeg op pad!' De mannen links van me dringen op me aan, maar Willem ziet het en maakt met een hoofdbeweging duidelijk dat ze me met rust moeten laten. 'Ja' zegt hij dan 'er is altijd wel een ontmoeting of een officiële opening waar ik bij moet zijn'.

Ik realiseer me dat hij heel druk is geweest: de Olympische Spelen, de Nucleaire top, en een staatsbezoek. Dus zeg ik: 'u zult al die plekken die u met uw gasten bezoekt wel kunnen dromen'. 'Ach weet u - zegt hij - de mensen hebben daar vaak een verkeerd beeld van. Het parlement wil mij in die ceremoniële rol. En als constitutioneel monarch respecteer ik de parlementaire democratie. Maar neem het Rijksmuseum, ik hoef daar echt niet voortdurend alles opnieuw te gaan bekijken hoor! De fotosessies doe ik natuurlijk wel, en het handen schudden, maar daarna wacht ik meestal terwijl de directie de gasten rondleidt'. 'Dat is dus veel geduldig wachten neem ik aan?' waag ik. 'Soms, maar ik zit meestal even te Wordfeuden met Amalia, of doe een spelletje Candy Crush met Maxima. U moet zoiets praktisch zien: ik weet natuurlijk zo langzamerhand meer van lichtinval, pigmenten en technieken dan Rembrandt zelf!' Met gedempte stem buigt hij zich naar me toe: 'Ik plaag de directeur van een museum nog wel eens door in het bijzijn van een buitenlandse gast dingen te zeggen als "kijk, daar heeft Frans Hals iets teveel chlorofyl gebruikt, en daar te weinig biliburine!" Ach de mensen zien natuurlijk wel dat ik vaak strak in het protocol zit, maar ik ben graag gewoon mezelf. En als Máxima naast me staat kan ik me veel veroorloven, men hoort dan soms niet eens meer wat ik zeg!' Hij slaat me lachend op de schouder. Dan weer ernstig: 'Buiten de camera's gebeurt natuurlijk het echte werk. Maar u begrijpt meneer dat ik daarover niets kan zeggen'. Ik blijf verbaasd: zomaar hier op straat lopen te praten met onze vorst in een openhartige stemming! Toch had ik me hem eigenlijk wel zo voorgesteld.

Twee mannen pakken nu mijn armen vast. De koning ziet het en zegt 'heren laat u deze meneer gewoon even meelopen; waar moet u trouwens heen?' Ik vertel dat ik een vergadering heb, maar nog even de Bijenkorf in wil. Ik durf nu iets meer en vraag: 'Hoe gaat dat eigenlijk met al die toespraken; u hebt na een optreden altijd direct de goede teksten al op papier naar het lijkt'. 'Nou dat is in wezen heel simpel' antwoordt Willem 'mijn staf maakt vooraf de concepten, en ik hoef alleen maar op wat witte plekken zelf iets in te vullen of te verzinnen. En ik heb natuurlijk mijn Royal Ear Prompter'. Hij legt me uit wat dat is: 'deze R.E.P. is een soort luidsprekertje met geheugen; als ik dan mijn tekst kwijt ben druk ik op bijvoorbeeld op de rode knop en dan klinkt het verhaal met mijn stem. Er kleven wel risico's aan'.

De greep om mijn arm wordt strakker, ik voel dat er een eind gaat komen aan dit spontane gesprek. Maar ik waag het erop: 'Wat zijn die risico's?' 'Nou' antwoordt Willem 'ik moet verdraaid goed playbacken, en vooral de juiste knop indrukken. Het ergste wat me ooit is overkomen is dat ik de consul van Abu al Rin Sha-aleim moest toespreken, maar er een tekst uit de R.E.P. kwam waarin ik instructies gaf aan onze kok op paleis Den Bosch!' De armklem doet bijna pijn en gaat over in een hevig schudden. 'Ton' hoor ik ineens 'je koffie staat koud te worden'. Ik schrik wakker, zit op de bank en ben meteen weer bij bewustzijn. Mijn vrouw houdt nog steeds mijn arm vast: 'Je zat te dutten maar was erg onrustig; toch geen nachtmerrie?' Ik antwoord: 'nee hoor, het stelde niets voor'. Ik schuif de krant opzij met een artikel onder de kop: "Vlamingen dromen van een koning als Willem-Alexander".

Ton van Leijen ( avanleijen@lijbrandt.nl Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. )